Zoek op

  • Prijs vanaf € 1099,-
  • Dagen: 22
  • Groepsgrootte: 4-24
bootreisreis per kameelreis per olifantexotisch etenjeep safarimusea

Reiscode:
SIA

loading

Reisroute
1 vliegtuig
2 Delhi
3 Shekhawati
4 - 5  Bikaner
6 - 7  Jaisalmer
8 - 9  Jodhpur
10 Udaipur
11 Udaipur
12 - 13  Pushkar
14 - 15  Jaipur
16 Agra
17 Nachttrein naar Varanasi
18 - 20  Varanasi
21 Delhi
22 Aankomst Amsterdam

Wat is inclusief

  • internationale vluchten
  • alle transport met (mini)bus
  • treinreizen Agra – Varanasi / Varanasi - Delhi
  • hotelovernachtingen
  • bezoek Ranakhpur / Keoladeo N.P. / Fatehpur Sikri
  • Engelstalige reisbegeleiding
  • luchthavenbelastingen
  • brandstofheffing

Wat is exclusief

  • maaltijden
  • optionele excursies
  • alle entreegelden
  • visum
  • fooien
  • boekingskosten
  • bijdrage Calamiteitenfonds
  • reis- en annuleringsverzekering

Extra
Zakgeld: Zakgeld: € 150 - € 175 p.w.
Eenpersoonskamer: € 199

 
Rajasthan is India's meest kleurrijke en exotische provincie. De sprookjesachtige paleizen, gigantische forten en rijk versierde kleding van de bevolking zijn een lust voor het oog. De warmte van India kun je heerlijk wegspoelen; de meeste van je hotels beschikken over een zwembad. Je bezoekt levendige steden met bonte markten en afgelegen dorpjes, reist door woestijnen en langs koele meren en bekijkt de tempel van de liefde: de wereldberoemde Taj Mahal. Een hoogtepunt is het religieuze hart van India; Varanasi aan de oevers van de Ganges.

Landinformatie

India India

Achtergrondinformatie

Bevolking

De bevolking van India bestaat uit verschillende etnische groepen. In het noordwesten is de huidskleur over het algemeen wat lichter dan in het zuiden. In het noordoosten van het land zien we mongoloïde stammen die verwantschap hebben met de Chinezen. In 1961 woonden er in India ongeveer 440 miljoen mensen. Naar schatting zijn dat er nu al meer dan één miljard. De toename van de bevolking is een groot probleem voor de regering. India is al met familieplanning en geboortebeperking begonnen in 1952, maar het is de vraag of de campagnes zin hebben gehad. Voor veel armen zijn hun kinderen een investering in de toekomst. Ongeveer 74% van de mensen leeft op het platteland en de rest in steden. Steeds meer mensen zoeken echter hun heil in de steden waar ze rijkdom en vrijheid (van het kastensysteem) proberen te vinden. Dit heeft desastreuze gevolgen. Steeds meer sloppenwijken worden aan de grote steden geplakt en de overheid heeft geen geld om de leefomstandigheden van de bewoners van die wijken te verbeteren. Er zijn veel miljoenensteden. Boven aan de lijst van het aantal inwoners staan Mumbai en Kolkata (Calcutta), die beide elk bijna het inwonertal van heel Nederland op hun grondgebied hebben. Miljoenensteden die je op deze reis aandoet zijn Delhi, Jodhpur, Jaipur, Agra en Varanasi. Ondanks het feit dat er in India een sterke feministische beweging is en dat in de hogere kasten/klassen vrouwen wel degelijk meetellen, is over het algemeen de positie van de vrouw in India zeer ondergeschikt aan die van de man. Met name in de traditionele plattelandsgemeenschappen is de vrouw vaak een soort van slavin, die niets in te brengen heeft. Echtparen hopen op een kind, maar eigenlijk op een jongen. Een jongen betekent een versterking van de familie. Zijn vrouw komt later bij hem wonen en brengt een bruidsschat mee. Wanneer een echtpaar een dochter krijgt, betekent dat dus later een bruidsschat betalen en meestal financiële zorgen.

Communicatie

Post:
Brieven en ansichtkaarten bereiken het thuisfront in één of twee weken. Een pakket opsturen kan, maar het is een omslachtig gebeuren op het postkantoor. Luchtpostpakketten doen er even lang over als brieven. Zeepost doet er meestal drie maanden over.

E-mail:
Internetcafé's schieten als paddestoelen uit de grond. Vanuit de meeste plaatsen in India kun je tegenwoordig wel emails versturen. 

Telefoon:
Direct telefoneren (met het buitenland) kun je het beste doen op een van de vele particuliere kantoortjes die worden aangegeven met de letters STD/ISD. De meeste hebben een digitaal apparaat dat precies aangeeft waarheen is gebeld, hoe lang en wat het kost. Er kan niet mee gesjoemeld worden. De kosten voor een minuut telefoneren met België of Nederland liggen omgerekend tussen € 1,50 en € 2. Op sommige STD's kun je ook faxen. In hotels worden aanzienlijk hogere bedragen gerekend en vaak loopt de telefoonverbinding via een telefoniste, zodat het lang kan duren voor je verbinding hebt. India heeft het landennummer +91, Nederland +31, België +32.

Eten en drinken

De eetgewoontes in India verschillen radicaal van die in Europa en de overgang kan soms een probleem zijn. In principe eten Indiërs gezeten op de grond met hun rechterhand van een metalen bord. Alvorens wast men de handen en het gezicht. Ontbijten vóór het tandenpoetsen, of zelfs thee of koffie drinken, vindt men vies. Veel mensen in India zijn uit religieuze of morele overwegingen strikt vegetarisch en ook eieren vallen soms buiten hun dieet. Er wordt niets anders dan water gedronken bij of na de maaltijd en als je koffie bestelt bij het ontbijt, zonder nadere toelichting, dan krijg je die na afloop. Praten wordt gedaan vóór het eten, nauwelijks tijdens of erna. Wie uitgenodigd wordt om te komen eten, gaat eerst gezellig babbelen, maar wordt na het eten geacht snel te vertrekken. Vrouwen en kinderen eten apart en pas nadat de mannen hebben gegeten. Het komt voor dat je als gast alleen eet, terwijl degene die je uitgenodigd heeft toekijkt en zich uitsluitend bemoeit met de bediening. Dit is een gebaar van beleefdheid, maar het kan bepaald ongemakkelijk voelen. Indiërs eten driemaal daags warm.

 
Veel mensen in India zijn uit religieuze of morele overwegingen strikt vegetarisch. Zelfs eieren vallen vaak buiten hun dieet. Alleen vis behoorde al langer tot het menu. Vegetariërs hebben het dus vrij eenvoudig in India. De Moghuls en de Europeanen moesten er aan te pas komen om vlees tot een integraal onderdeel te maken van de Indiase maaltijd. Nog altijd is een groot deel van de bevolking strikt vegetarisch. De hoeveelheid vlees dat wel in rijst en curry’s wordt verwerkt, is miniem vergeleken met datgene wat Europeanen gewend zijn. Van de vleesgerechten zijn de tandoori’s en de tikka’s aan te raden.
 
Ontbijt:
Door de invloed van de Engelsen worden in alle hotels en veel restaurants in India ook westerse ontbijten geserveerd, die inmiddels door de middenklassen in India ook vaak thuis worden gegeten. Cornflakes, toast, jam, boter en (in niet-vegetarische restaurants) op tal van manieren bereide eieren, behoren tot de mogelijkheden. Indiërs ontbijten vaak met ’idli's’ (gestoomde rijstcakes), ‘dosa's’ (knapperige pannenkoekjes van rijst- en linzenmeel), ‘puri badji’ (gefrituurd brood met groente) of Indiase broodsoorten en ‘curd’ (lijkt op yoghurt).

Lunch en diner:
In India wordt 's middags en 's avonds warm gegeten. De regionale verschillen zijn groot, maar in alle grote steden kun je naar restaurants die gespecialiseerd zijn in een bepaalde streekkeuken. Overigens zijn die verschillen in het begin voor het westerse palet minimaal, omdat al het eten zo anders is. De maaltijd bestaat in India uit rijst en of broodsoorten met curries en dal. Curry is de verzamelnaam voor alle groente-, vis- en vleesgerechten die worden bereid met 's werelds meest gecompliceerde specerijenmengsels (tot 25 verschillende per gerecht). Dal is de verzamelnaam van gerechten die gemaakt zijn van linzen en een belangrijke eiwitbron vormen. Naast Indiaas eten kan in grote steden ook vaak Chinees en westers gegeten worden, al zijn de pogingen om Europees eten na te bootsen vaak belabberd. Een reden waarom toeristen slecht tegen het eten kunnen, is omdat ze naar verhouding teveel van de curries opscheppen en te weinig brood of rijst. Curries zijn vaak vet en scherp en dienen in kleine hoeveelheden te worden gegeten als smaakmaker bij de koolhydraten.

Snacks:
Buiten de maaltijden om zijn er natuurlijk snacks. Arme Indiërs knabbelen vaak gepofte rijst, gedroogde kikkererwten of pinda's. Een geliefde snack van mensen in Mumbai en omgeving is 'belpuri'. Het is gemaakt van linzen, knapperige vermicelli, tomaat, ui en verse koriander. Voor een paar roepies heb je een kleine schotel. Daarnaast zijn er tal van gefrituurde snacks, die vrijwel altijd vegetarisch zijn. Alleen in de duurdere restaurants worden deze tussendoortjes ook met een inhoud van vlees geserveerd. Enkele namen waaronder deze snacks worden aangeboden, zijn: pakora's, gefrituurde balletjes, waarvoor aardappelpuree als bindmiddel wordt gebruikt; samosa's, kleine loempiaatjes met een vulling van aardappel en groente; en cutlets, gepaneerde en gefrituurde snacks met uiteenlopende vegetarische vulling.

Leidingwater:
Het water uit de kraan is niet drinkbaar. Je bent aangewezen op mineraalwater of het water dat in middenklasse- en dure hotels en restaurants speciaal wordt aangemerkt als drinkwater. Dit water is gekookt of door een bacteriefilter gehaald. Mineraalwater is verhoudingsgewijs duur. Om die reden komt het een enkele keer voor dat flessen worden bijgevuld met water dat niet betrouwbaar is. Let bij aankoop op een goede verzegeling van de fles. IJsblokjes zijn alleen in goede restaurants van zuiver water.

Andere dranken:
Bij temperaturen van 30°C of meer schiet de vochtbehoefte omhoog. Bij inspanning kan de innamebehoefte stijgen tot meer dan vijf liter per dag. Een deel daarvan zit in het eten, de rest moet gedronken worden. Tijdens het transpireren raak je naast water ook zouten kwijt, die aangevuld moeten worden. Maak er bij grote hitte een gewoonte van om soep als voorgerecht te nemen. Thee ('chay') is de nationale drank van India. Het wordt altijd vermengd met veel melk en suiker geserveerd. Wil je het anders, dan kan dat in de betere hotels. Voor koffie geldt hetzelfde. Frisdrank heeft inmiddels overal in India zijn intrede gedaan. De lokale merken zijn vaak wat zoeter dan we gewend zijn. Lekker fris is de 'fresh lime soda': sodawater met uitgeperst citroensap. Vermeld erbij of je het drankje zoet, zout of zonder verdere toevoeging wilt drinken. Dat geldt ook voor een andere lekkere drank, 'lassi', vergelijkbaar met karnemelk. Lassi kan echter ook een bron van verkeerde bacteriën zijn, dus bestel je het beter alleen in goede restaurants. Heerlijke dranken zijn ook ijsthee en ijskoffie, dat laatste eventueel met een bolletje vanille-ijs. Verder zijn vruchtensappen voorradig zoals sinaasappelsap, mangosap, druivensap, papajasap en ananassap. Mango(sap) en ananas(sap) worden soms slecht verdragen en je kunt hiervan het beste niet meer dan een kleine hoeveelheid nemen. Verder kun je een kokosnoot laten openen en het sap opdrinken. Bier is vrijwel overal verkrijgbaar, alleen onder beperkende voorwaarden. Zo hebben veel kleinere hotels geen vergunning. Daar wordt het alleen op je kamer geserveerd. Bier wordt meestal verkocht in grote flessen. Sterke drank wordt geschonken in bars en verkocht in zogenaamde wineshops. Het zijn goedkope imitaties van bijvoorbeeld whisky, gin en rum. Wie graag wijn drinkt, kan beter een paar flessen naar India meenemen. Naast de van oorsprong buitenlandse alcoholische dranken bestaan er een aantal brouwsels van Indiase origine. Palmwijn ('toddy') is voor een keertje wel lekker. Het vocht wordt gewonnen uit diverse palmsoorten en is op dat moment al licht gefermenteerd. Het beste kun je het 'aan de palm' drinken, want de lichtzoete smaak gaat snel achteruit en na acht uur is het niet meer drinkbaar.

Restaurants en andere eetgelegenheden:
In elk dorp in India is wel een klein eettentje waar ze wat lekkers hebben. De eettentjes voor Indiërs zijn heel goedkoop. Soms kun je er al voor een halve euro eten. Niet iedereen zal van deze plekjes gecharmeerd zijn. In hygiënisch opzicht lijken ze niet best. Dat valt in de praktijk meestal wel mee, zolang de doorstroom maar goed is (en er dus veel mensen zitten te eten). Maar voor veel westerlingen is de oude troep waarmee deze eettentjes zijn gemeubileerd niet stimulerend voor de eetlust. In de toeristenhotels zal regelmatig Indiaas eten worden voorgeschoteld dat meer is toegesneden op westerse tongriemen. Het beste eten wordt bereid in de keukens van lokale families. Laat je de mogelijkheid dan ook niet ontgaan, wanneer je wordt uitgenodigd de maaltijd bij bewoners thuis te gebruiken. Vegetariërs hebben het eenvoudig in India. Thali's worden in veel restaurants geserveerd en er is altijd keuze tussen veg en non-veg. Daarnaast hebben de Chinezen tal van heerlijke schotels waar alleen groenten (en eventueel eieren) zijn verwerkt. Van oorsprong waren zowel de boeddhisten als de hindoes vegetariër. Alleen vis behoorde al langer tot het menu. Nog altijd is een groot deel van de bevolking strikt vegetarisch. De hoeveelheid vlees die wel in gerechten wordt verwerkt, is miniem vergeleken met datgene wat de Europeanen gewend zijn.

Fruit:
Een van de grootste attracties van India is het bijna oneindige aanbod van de meest exotische vruchten. Ze komen in tal van kleuren, vormen en afmetingen voor en de ene soort is nog lekkerder dan de andere. Wie dit gebied ontdekken wil, zal zich dan ook vol overgave moeten storten op het vreemd ogende fruit dat opgestapeld ligt aan de straatkant of wordt aangeboden door vrouwen die hun kostje verdienen met de verkoop op het strand of op straat. Enkele van de heerlijkste vruchten zijn de mango, rambutan, papaja, ananas, koningskokosnoot, zuurzak, jackfruit, mangosteen, doerian en de vele soorten bananen.

Feestdagen

Festivals. Aziaten zijn er dol op en toeristen kijken hun ogen uit. India heeft met haar rijkdom aan religies en tradities vele festivals en feestdagen. Sommige feesten zijn ingetogen en vinden vooral in huiselijke kringen plaats. Andere festivals zijn uitbundig en zichtbaar voor iedereen. Als reiziger is het leuk om bepaalde festivals van dichtbij mee te maken. Op diverse vertrekdata doe je een van de kleurrijke en bruisende festivals aan die India kent.

De reisroutes tijdens festivalreizen kunnen worden aangepast. Houd het Laatste Nieuws in de gaten voor de definitieve route en meer info omtrent de desbetreffende festivals.

DESERT FESTIVAL - JAISALMER (februari 2012)
Jaisalmer verrijst als een gouden fata morgana uit het hart van de Tharwoestijn. Een indrukwekkend fort met al zijn pracht en praal, uit gele zandsteen gehouwen, domineert de amberkleurige stad. De Bhati Rajputs van Jaisalmer waren feodale heersers die van de op de karavanen geheven taksen leefden. De karavanen waren geladen met kostbare zijden stoffen en kruiden en brachten de stad een grote weelde. Gedurende jaren bleef Jaisalmer gespaard van invloeden van buitenaf. Toen de handel zich meer begon te richten op de scheepvaart rond de haven van Mumbai (vroeger Bombay), betekende dit het verval van Jaisalmer. Maar het woestijnfort bezit nog altijd het élan eigen aan de vertellingen uit 'Duizend-en-één-nacht'.
De beste tijd om de stad te bezoeken is gedurende het Woestijnfestival, gehouden in januari/februari, wanneer de stad zindert onder de klanken van melodieuze wijsjes en bonkende ritmes. Er is een parade van kamelen, een hele kleurrijke optocht met dansers, muziek en heel veel mensen in hun meest kleurige sari’s en tulbanden die op de been zijn om dit alles te bekijken. Een schoonheidswedstrijd trekt de meeste aandacht van de plaatselijke mannen. Traditionele dansen, spannende wedstrijden (in het bijzonder een wedstrijd voor het opbinden van tulbanden), touwtrekken, een cricketwedstrijd en races voor kamelen luisteren de festiviteiten op.

ELEPHANT FESTIVAL – JAIPUR (maart 2012)
Het Olifantenfestival is één van meest populaire festivals van Jaipur en wordt gevierd rond de kleurige dagen van Holi Phagua. Het Olifantenfestival begint met een levendige optocht waar niet alleen olifanten, maar ook paarden en kamelen prachtig worden versierd met kleurige kleden, bloemmotieven in verf en glitters. Er zijn diverse races en wedstrijden zoals de verkiezing van de mooist van top tot teen versierde olifant. De dieren stelen de show tijdens een polowedstrijd en worden begeleid door muziek en dans. Vanuit een groot deel van India komt de bevolking naar Jaipur om het festijn te beleven, uiteraard in hun mooiste outfit! Voor het vermaak van alle gasten zijn er vaak dans- en muziekprogramma’s.

HOLI PHAGUA – GEHEEL INDIA (februari 2012)
Het Holifeest of Holi Phagua is een kleurrijk hindoeïstisch feest dat jaarlijks gevierd wordt door geheel India (en Nepal). In feite is het een combinatie is van een lentefeest, verlossingsfeest en een nieuwjaarsfeest. Het Holifeest staat in het teken van het begin van een nieuw seizoen, de lente, en daarom spreekt men ook wel van lentefeest of oogstfeest, omdat het in India samenvalt met de graanoogst. Het Holifeest wordt ook beschouwd als een overwinningsfeest: de overwinning van het goede op het kwade.

Het verhaal achter het feest is als volgt: De demonenkoning Hiranyakashap beschouwde zich ooit de enige heerser over het heelal. Hij had bevolen dat alleen hij aanbeden mocht worden. Zijn zus, de heks Holika, verzette zich daartegen en gooide zichzelf uit protest op de brandstapel ter bevrijding van de inwoners van India.

Aan de vooravond van het Holifeest wordt de Holika, de brandstapel van hout of bamboe welke het kwaad symboliseert, onder belangstelling van vele hindoes verbrand. waarbij ze een levend voorwerp zoals een plant, verbranden. Hierbij wordt een hand rijst in het vuur gegooid, wat geldt als een symbolische verdrijving van het kwaad. De ceremonie houdt ook gebed, muziek en zang in.

Na het verbrandingsfeest keert men huiswaarts om de volgende dag terug te keren. Men besmeert elkaar dan met as. Die middag trekt men bij voorkeur nieuwe kleren aan en besprenkelt men elkaar met welriekende stoffen en parfum. Ook gebruikt men rode en groene kleurstof als teken van vriendschap, hoop en liefde. Men wenst elkaar geluk en voorspoed toe. Alle hindoes, zonder onderscheid van rangen, kasten en standen, vieren gezamenlijk het Holifeest en het is bij uitstek een feest om bezoeken aan familie af te leggen.

Tijdens de feestdagen heerst er een atmosfeer van vrijheid en geluk. Zorg dat je wat oude kleding meeneemt, want hoogst waarschijnlijk word je niet ontzien en zul ook jij deze feestdagen eindigen bedolven onder gekleurde poeders.

TEEJ FESTIVAL - JAIPUR (juli 2011)
Rajasthan is India's meest kleurrijke en exotische provincie. De sprookjesachtige paleizen, de gigantische forten en de rijk versierde kleding van de bevolking zijn een lust voor het oog. Rajasthan roept het beeld op van het klassieke India. Het land waar de tijd stilstaat, het land waar het hindoeïsme nog sterk in zijn traditionele vorm voortleeft.

Aan de noordkant wordt de stad Jaipur omgeven door heuvels vol forten en paleizen. Een van de prachtigste paleizen is de Hawa Mahal, het Paleis der Winden. Ondanks het grote inwonertal is het een aangename stad, niet in de laatste plaats door het relatief kleine aantal auto's dat zich in het ommuurde deel begeeft. Op straten van Jaipur lopen de Rajasthaanse mannen met hun enorme snorren en tulbanden, en de met sieraden behangen vrouwen in de meest felgekleurde sari's van India. Ook kamelenkarren en olifanten maken deel uit van het straatbeeld.

Tijdens het Teej Festival bidden getrouwde vrouwen voor een gelukkig en lang huwelijk tot Parvati en Shiva. Het Festival wordt overal in Rajasthan gevierd maar is het kleurrijkst in Jaipur. Joohlas (schommels) worden in bomen opgehangen en met bladeren en bloemen versierd. In Jaipur wordt een beeld van de godin Parvati getoond in een kilometer lange processie vergezeld door versierde olifanten, paarden, kamelen, praalwagens en meer. Er wordt muziek gemaakt en gedanst. Een uniek festival om bij te wonen.

PUSHKAR FAIR - PUSHKAR (oktober 2011 / januari 2012)
Elk jaar in de heilige hindoemaand Kartika verandert het slaperige Indiase dorp Pushkar in een spektakel dat zijn weerga niet kent. Vanuit alle uithoeken van de deelstaat Rajasthan trekken kamelenhandelaren met hun kuddes naar het anders zo rustige plaatsje aan het meer, om daar op tijd te arriveren voor Kartik Purnima (volle maan), de officiële begindatum van de Pushkar Fair.
Alhoewel handel de belangrijkste reden voor samenkomst is, draagt de markt het karakter van een groot feest. Op de markt zijn allerlei soorten dieren te koop: ezels, geiten, paarden, stieren, maar bovenal kamelen – de tractoren van het Indiase platteland. Deze kamelenmarkt is de grootste in India, tienduizenden kamelen veranderen van eigenaar. Maar behalve veehandelaren, trekt deze jaarlijkse happening ook duizenden woestijn- en dorpsbewoners, naar zich toe. De kamelenmarkt is een bonte verzameling van mensen en dieren, geuren en kleuren, kortom: een gebeurtenis die je eigenlijk niet mag missen als je die periode in India bent.

Een kwart miljoen mensen genieten van deze spectaculaire gebeurtenis, die wordt omlijst door muziek, dans en optredens van artiesten als vuurspuwers en koorddansers. Het feest trekt ook toeristen, zowel Indiërs (boeren, landarbeiders, marskramers, bedelaars en straatmuzikanten) als buitenlanders, die de reis naar de stoffige stad aan de rand van de Thar-woestijn voornamelijk maken om getuige te kunnen zijn van het hoogtepunt van deze enkele dagen durende Pushkar Fair: de kamelenrace door de zandduinen. Souvenirs zijn hier rijk voorradig: kamelenzadels, mooie stoffen en divers handwerk. De Pushkar Fair is tevens een walhalla voor fotografen; de lokale vrouwen dragen hun meest mooie sari’s en gaan getooid met fonkelende sieraden. De mannen hebben felgekleurde tulbanden boven hun enorme snorren en dragen schoenen met omgekrulde neuzen onder hun witte dhoti’s.

Pushkar heeft voor de hindoes ook een religieuze betekenis. Het is een van de weinige plaatsen in India waar de god Brahma in een eigen tempel wordt aanbeden. Duizenden pelgrims bezoeken elk jaar het heilige meer in de buurt van de stad om er zich in onder te dompelen. Dit wordt beschouwd als een daad van reiniging. De maankalender bepaalt wanneer de jaarmarkt gehouden wordt.

DUSSEHRA FESTIVAL – GEHEEL INDIA (BIJZONDER IN MYSORE) (september 2011)
Eén van de belangrijkste festivals in Zuid-India is het Dussehra festival. Het Dussehra Festival is een hindoeïstisch festival waarbij in geheel India de overwinning van het goede op het kwade wordt gevierd. Er zijn veel legendes die leidden tot Dussehra. Het bekendste verhaal gaat over godin Durga die rijdend op een leeuw de demon met buffelhoofd Mahishasura doodt. Hij terroriseerde de Devas en hun koning Indra. Een ander verhaal komt uit de Ramayana, een hindoeïstische tekst die omstreeks de tweede eeuw voor Christus is ontstaan. De Ramayana vertelt het verhaal van Rama (een incarnatie van de god Vishnu), wiens vrouw Sita ontvoerd wordt door de slechte demonkoning Ravana. Na veel omzwervingen en heldendaden verslaat Rama samen met zijn broer Laksman de boze koning. Ze worden hierbij geholpen door een leger van apen, dat wordt aangevoerd door de apenkoning Hanuman.

Het Dussehra Festival heeft geen restricties voor de kasten. Iedereen kan meedoen en op eigen wijze Durga vereren. Het is dan ook een groot volksfeest. De huizen worden opnieuw geschilderd en het gezin wordt in de nieuwe kleren gestoken. Iedere wijk en dorp heeft een tent ingericht voor Durga. Soms wordt er ook een toegangspoort gebouwd. Soms zijn er processies, begeleid door muziek, dans en vuurwerk.
De datum van het festival is afhankelijk van de hindoeïstische maandkalender.

DIVALI – GEHEEL INDIA (oktober 2011)
Divali, ook genoemd Deepavali, Diwali of Deevali is één van de belangrijkste feesten in het hindoeïsme en vindt zijn oorsprong in India. Het woord is afgeleid van het Sanskriet ‘dipavali’, dat ‘rij lichtjes’ betekent. Het feest is over heel India verspreid, en door het eeuwenlange isolement zijn er verschillende legenden en verhalen rond het feest gevormd. Tijdens Divali wordt bijvoorbeeld door sommige Indiërs de terugkeer van Rama in zijn stad Ayodhya gevierd en wordt hij gekroond als koning, nadat de demon Ravana door hem is gedood. Tijdens Divali wordt door anderen juist de hindoegodin Lakshmi (van het licht, de schoonheid, rijkdom en voorspoed) vereerd. Door iedereen wordt het gevierd met evenveel spiritualiteit en staat Divali voor vernieuwing in het leven

Divali is ook bekend als Lichtjesfeest, en wordt symbolisch bedoeld als “de overwinning van het goede over het kwade, overwinning van het licht over de duisternis, overwinning van de gelukzaligheid over de onwetendheid”. Tijdens het feest worden binnenshuis en op de erven kleine lichtjes (diya's) aangestoken. Deze lampen zijn gemaakt van klei, waarin de lichtjes aangemaakt worden met als brandstof geklaarde boter, ofwel ghee. Dit geheel heet de Dia of Diya. Hoe rijker men is, hoe meer Diya's men heeft. In rijen worden ze op vensterbanken, balkonbalustrades en als men een plat dak heeft, langs de gehele lengte van de dakrand geplaatst. Ook de minder fortuinlijken zullen op deze dag de godin niet vergeten. In de hoop dat het geluk voor hen nog komen moet, zetten ze het welkomstlicht voor hun deur, ook al zijn het maar een paar Diya's.

Het vieren van het feest gaat gepaard met het nuttigen van zoetig eten. Echter in India steekt men daarnaast ook vuurwerk af. Divali is een vrolijk feest en wordt vaak gevierd in gezinsverband.

PONGAL – TAMIL NADU (januari 2012)
Pongal is een belangrijk festival uit Zuid-India en staat voor het gunstige begin van Uttarayana (de noordwaartse beweging van de zon, waardoor de dagen weer langer worden) en ook voor de oogsttijd. Het is een feest waarbij de Indiase boeren de natuur en alle landbouwwerktuigen bedanken voor de opbrengsten van het land. Ook de heilige koeien worden in het zonnetje gezet en vrouwen brengen kleurrijke kolams, gelukbrengende patronen, aan voor hun huizen.

Vier dagen staan in het teken van traditionele lange Pongalactiviteiten. De eerste dag is gewijd aan de regen. Dit is een ‘slechte’ dag. Iedereen ruimt die dag hun huis op en verbrandt zijn oude spullen. De tweede dag is gewijd aan de zon; iedereen koopt nieuwe spullen, maakt buiten een nieuwe kookplaats en kookt daarop rijst in melk en water, genaamd Pongal. (In Tamil Nadu is Pongal ook een zoet havermoutpaprecept gekookt van de nieuwe rijst.) Als deze pot overkookt betekent dit dat men een goed jaar krijgt. Mensen vragen dan ook aan elkaar of ze een goede Pongal gehad hebben. De derde dag is gewijd aan het vee. Al het vee wordt versierd en bedekt met ornamenten. De horens van de koeien worden opnieuw geverfd, ze krijgen een bloemenkrans en ballonnen omgeknoopt en er wordt een koeienpuja gehouden. Het is een vrolijk gezicht om al die koeien door de straat te zien lopen. De vierde dag is een familiedag. Hele gezinnen gaan samen iets leuks doen, zoals familiebezoekjes.

KLOOSTERFESTIVALS IN HEMIS, PHYANG EN TAKTOK
In het uiterste noorden van India, hoog in de bergen ligt Ladakh, dat ook wel “The Moonland”, “Little Tibet” en zelfs “The last Shangri-la” genoemd wordt. Enorme bergketens met eeuwig besneeuwde pieken worden afgewisseld met vruchtbare valleien en desolate hoogvlaktes. De vriendelijke Ladakhi, de vele Tibetanen, de kleurige gebedsvlaggen, fraaie manisteenmuren met mantrareliëfs en de ontelbare stoepa’s maken dat je vergeet dat je in India bent.

Ladakh is een van de meest afgelegen gebieden in India. Dit deel van India werd pas opengesteld voor toerisme in 1974 en pas sinds 1979 is er vliegverkeer mogelijk op de hoofdstad Leh. Sindsdien is er nog slechts weinig verandering gekomen in de geïsoleerde positie. Ladakh is bekend vanwege de grote gelijkenis met Tibet. Dat geldt niet alleen voor de prachtige vergezichten, het ongerepte en uitgestrekte landschap, maar ook voor de waardevolle kloosters met hun schat aan oorspronkelijke wandschilderingen, godenbeelden, thanka’s en kloosterfestivals. Tijdens deze, doorgaans twee dagen durende, festiviteiten vindt er een wervelende show plaats van kleurrijke gemaskerde dansers. De monniken beelden in hun schitterende (soms eeuwenoude) gewaden en angstaanjagende maskers de verschillende goden uit en vertellen zonder woorden hun verhaal van de overwinning op het kwaad.
Elk klooster in Ladakh heeft zijn eigen jaarlijkse kloosterfestival waar van heinde en ver de lokale bevolking naar afreist om de kleurrijke dansen van de monniken bij te wonen en van de lama's de zegen voor het komende jaar te ontvangen. Er is echter ook tijd voor meer werelds vermaak: dansen en zingen, lekker eten, allerhande volksspelen. De voormiddagen van het feest worden telkens gevuld met dansen. Eén voor één komen verschillende dansers uit de tempel om op de binnenplaats van het klooster hun dans uit te voeren. Gehuld in kleurrijke brokaten gewaden, met prachtige maskers die beschermgoden voorstellen, voeren zij wervelende dansen op om de aanwezigen hun zegen voor het komende jaar te geven. De monniken van het klooster trainen jaren lang om de religieuze verhalen goed te kunnen uitbeelden. De verhalen die gedanst worden zijn legendes, die over het goed en kwaad vertellen en zodoende de lokale bevolking informeren over het boeddhistisch gedachtegoed. Er zijn ook altijd grappige figuren in de dans aanwezig, die proberen om de toeschouwers aan het lachen te krijgen. Op verschillende plaatsen rond het festival zijn allerhande kraampjes opgesteld waar de Ladakhi zich overgeven aan meer werelds vermaak. Festivals zijn geen volksdansfeesten, dus wees discreet met je camera.

Hemis is het rijkste en grootste klooster van Ladakh. Het is vooral beroemd om haar festival met maskerdansen. Het klooster van Hemis staat vol met gouden beelden en stoepa’s, ingelegd met halfedelstenen. Het ligt in een lieflijke vallei met kabbelende beekjes en heeft enkele schitterende ruimtes, waar monniken aan het bidden of het mediteren zijn. Dit klooster van de Drukpa orde is gesticht in de vroege 17de eeuw en ligt zo’n 45 km van Leh verwijderd. Het is een belangrijk klooster, ook voor Ladakhi boeddhisten. Eenmaal in hun leven moeten ze hier geweest zijn. De grootste thangka in Ladakh, meer dan 12 m lang, is in Hemis. Deze wordt maar eens per 12 jaar tentoongesteld! De laatste keer was in 2004.

Phyang is een typisch Ladakhi dorp dat lijkt op een oase. Het bestaat uit huizen die gebouwd zijn in typische Ladakhi stijl en de groene velden worden er gevoed door de irrigatiekanaaltjes.
Taktok Gompa is een klein interessant klooster, rond een grot gebouwd waar ooit de Boeddhistische heilige Padmasambhava mediteerde. Het is het enige klooster van de Nyingmapa sekte in Ladakh, de oudste Tibetaanse kloosterorde. Het klooster van Taktok ligt een beetje weg van de gebaande route en wordt (buiten festivaltijd) nog slechts zelden bezocht.

“Monniken in bonte kostuums met enorme puntmutsen zijn aan het dansen. Andere hooggeplaatste monniken in het rood zitten op een soort van podium en begeleiden met bekkens en een trommel de dansers. Wat erg leuk is, is de traditioneel geklede Ladakhi bevolking. Oude gerimpelde vrouwtjes met twee vlechten die onderaan zijn samengebonden dragen hoge gekleurde hoedjes met opstaande punten aan de voorkant. Ook kettingen met grote kralen en enkele dames hebben typische schoenen aan: hoge zolen en een opstaande neus. We zien nog verscheidene andere dansen met steeds opnieuw mooie kostuums. Wat ook leuk is, is dat we even mogen kijken in de ruimte waar de monniken hun kostuums aantrekken. Hier is een ruime garderobe en er staan verschillende muziekinstrumenten, zoals de typische lange rechte koperen blaasinstrumenten.”


Op www.indiatourismamsterdam.com, de website van het Indiase Verkeersbureau vind je een calender of events, met de belangrijkste feestdagen en hun data. Zie ook: www.festivalsofindia.in, www.festivalsinindia.net of www.beleven.org/feesten.
 

Gewoonten en gebruiken

De cultuurverschillen tussen Europeanen en Indiërs zijn zo groot dat je er een heel boek aan zou kunnen wijden. Hieronder zijn er een paar punten uitgepikt, die van direct en dagelijks belang zijn bij je omgang met de bewoners.

Ja en Nee:
Misschien is het meest verwarrende praktische cultuurverschil tussen India en West-Europa wel het gebruik van ja en nee. Om te beginnen wordt 'ja' niet aangeduid door te knikken, maar door de kin snel heen en weer te bewegen, waardoor het hoofd gaat 'wiebelen' (moet je beslist eens proberen). Ten tweede heeft 'ja', gewiebeld of gesproken een veel bredere betekenis. Naast 'ja' kan het 'jaja' betekenen, ofwel 'het is begrepen', of zelfs zoiets als 'dat klopt vermoedelijk' of 'ik heb u verstaan, maar ik ben niet geïnteresseerd in wat u zegt'. 'Nee' is een woord dat de Indiërs niet lekker op de tong ligt. Als ze je er neutrale informatie mee kunnen verstrekken dan zullen ze dat nog wel doen, bijvoorbeeld door 'nee' te antwoorden op de vraag of de bus naar Khajuraho hier stopt. Maar geef een Indiër een dropje en negen van de tien zullen het smerig vinden maar de kans dat je op de vraag 'vind je het lekker?' het antwoord 'nee' zult krijgen, is heel klein.

Beleefdheidsregels:
De Indiërs groeten traditioneel met een namasté, waarbij de handen gestrekt met de palmen tegen elkaar worden gebracht voor het voorhoofd. Hoe hoger je de handen houdt, hoe meer respect je toont. Vaak kun je leden van de gelijke sekse ook een hand geven. Spreek iedereen aan met 'sir' of 'madam'. Verhef je stem niet, ook niet als iets niet naar de zin gaat. Vraag liever naar een hoger geplaatst iemand, omdat het delegeren van beslissingen niet tot de sterke kanten behoort van een Indiase organisatie. Cadeaus worden niet onmiddellijk opengemaakt, maar opzij gelegd. Het tonen van gretigheid is een slechte eigenschap.

Kleding:
Korte broeken voor volwassen mannen vinden de Indiërs eigenlijk belachelijk, korte broeken gedragen door vrouwen schandelijk. De lokale bevolking kleedt zich graag formeel voor belangrijke gebeurtenissen. Mocht je worden uitgenodigd voor bijvoorbeeld een huwelijk, vraag dan naar eventuele kledingvoorschriften. Naakt en topless baden is verboden. Ook in bikini loop je eigenlijk voor schut. Indiase vrouwen baden voor het merendeel met hun sari aan. In de praktijk levert het dragen van een bikini veel last op van starende Indiërs. Een badpak maakt je zonnebad iets rustiger.

Links en rechts:
De rechterhand dient in India om te eten, de linkerhand om het achterwerk te wassen. Mocht je aan de maaltijd zitten met de lokale bewoners en je voedsel met de hand eten, doe dat dan zoveel mogelijk met de rechterhand. Verwisseling van de handen tijdens het eten wordt door Indiërs als vies ervaren. Met de linkerhand raak je in principe ook niemand aan.

Afspraken:
Wij komen uit een uiterst jachtige cultuur waar tijd geld is en afspraken punctueel dienen te worden nagekomen, omdat anders het schema van de rest van de dag in duigen valt. Indiërs hebben daar niet zo'n last van. Niet dat ze persé te laat komen, het kan ook zijn dat ze toch niets beters te doen hadden en een uur te vroeg komen. Dit doen ze alleen bij sociale afspraken. Gaat het om werk, dan zijn ze een stuk stipter.

Privacy:
Staren is niet onbeleefd en de meeste Indiërs hebben geen gevoel voor privacy, zoals wij dat kennen. Ze komen dichter bij je staan dan Europeanen, lezen graag mee in het boek dat je aan het lezen bent en gaan het uitgebreid bekijken als je het neerlegt. Ze lopen soms zonder te kloppen je hotelkamer binnen en blijven, als ze klaar zijn, soms een beetje rondlummelen. Je moet zelf de grenzen aangeven.

Mannen en vrouwen:
Mannen en vrouwen in India gaan anders met elkaar om dan westerlingen gewend zijn. Opvallend is dat je in India zelden een man en vrouw gearmd over straat ziet lopen. Lichamelijk contact tussen man en vrouw wordt in het openbaar zoveel mogelijk beperkt. Genegenheid tonen in het openbaar is dan ook erg ongepast. Bij de stations en sommige bioscopen zijn er zelfs aparte loketten voor vrouwen en in de trein zijn er speciale vrouwencoupés. Voor contacten tussen dezelfde sekse gelden juist redelijk vrije omgangsregels. Als man kun je beter niet naast een Indiase vrouw gaan zitten en haar ook niet aanspreken. Dit geldt vooral voor vrouwen in de vruchtbare leeftijd. Vrouwelijke toeristen kunnen wel contact leggen met Indiase vrouwen. Voor westerse vrouwen is het vooral van belang gedragscodes ten aanzien van Indiase mannen in acht te nemen. Je kunt beter als vrouw de Indiase mannen niet recht in de ogen kijken. Veel mannen zullen denken dat je op iets uit bent.

Heiligdommen bezoeken:
Het betreden van religieuze plaatsen (m.u.v. kerken) dient zonder schoeisel te gebeuren. Hindoe-tempels dien je zonder hoofdbedekking te betreden. In sommige tempels en altijd in het 'garbha griha', het heiligste deel van de tempel, ben je niet welkom. Moskeeën bezoek je met bedekkende kledij. Soms wordt gevraagd om je hoofd te bedekken. Tijdens een dienst zijn de mannen gescheiden van de vrouwen. Als je om een boeddhistische stoepa loopt, loop dan linksom, dus met de klok mee. Foto's van een toerist voor een boeddhabeeld worden niet op prijs gesteld. Bij jain-monumenten mag je geen voorwerpen van leer (schoenen, tas, riem, etc.) mee naar binnen nemen. Een Sikh-tempel betreed je met bedekkende kleding en iets op je hoofd.

Bedelen:
Bedelen is ten dele een sociaal geaccepteerde bezigheid. Hindoes kunnen door het geven van aalmoezen hun karma wat oppoetsen en gegoede moslims zijn volgens de koran verplicht 4% van hun inkomen aan de minder bedeelden te geven. Anderzijds zul je de meeste inwoners van India hun afkeuring op krachtige wijze horen uiten. Bedelaars worden 'aartsluie wezens' genoemd, 'die zonder werk aan hun dagelijks handje rijst willen komen'. Shoestring houdt er de regel op na kinderen nooit geld te geven, hooguit fruit of iets anders te eten. (Liever geen snoep, er zijn amper tandartsen in deze gebieden.) Het is geaccepteerd om aan oude of invalide mensen te geven. De werkelijkheid achter elke bedelaar is heel verschillend. Een enkeling bedelt inderdaad voor zijn of haar eten, maar de meesten worden gedwongen om hun plekje in een huis te betalen door deze activiteit. Daarnaast zijn er steeds meer verslaafden aan alcohol en drugs. Het beste kun je geld geven aan een gerenommeerde charitatieve instelling. Overigens is het legitiem voor bedelaars om in groten getale bij de uitgang van tempels en moskeeën te zitten wachten op 'bakshish' (een aalmoes). Zowel hindoes als moslims kennen iets dat lijkt op ons oude aflaatsysteem.

Prijzen en afdingen:
Zoek uit wat iets werkelijk kost. Teveel betalen draagt bij tot inflatie en te weinig ondermijnt de verkoper. In de praktijk zal de vraagprijs van een product altijd hoger liggen dan wat je geacht wordt ervoor te betalen. Afdingen hoort er gewoon bij en ook de Indiërs zelf doen eraan mee. Zie het als een spel, dat met veel plezier gespeeld kan worden. In de ogen van de lokale bevolking hebben westerlingen altijd vakantie en verdienen ze bakken met geld. Dit kan hen het contrasterende gevoel geven onderontwikkeld en arm te zijn. Probeer een meer evenredig beeld te geven door het dagelijks leven in het westen te beschrijven. Een kopje thee in een eenvoudig Indiaas straatstalletje kost iets van 5 roepies, bij ons zou je omgerekend minimaal 100 roepies kwijt zijn...

Festivals:
Vrijwel geen reis zal verlopen zonder dat je een festival meemaakt, maar hieronder staan enkele van de belangrijkste. Vaak is er op vollemaansnacht veel te doen in de tempels.
- februari: Shivaratri is in India het feest van Shiva. In de vollemaansnacht van de maand phalgun, worden overal rond de Shiva-tempels festivals gehouden;
- februari/maart: Holi is vooral bij de lagere kasten heel populair, omdat net zoals bij ons met carnaval even de bestaande normen en regels wegvallen en alles mag. Tijdens Holi spettert iedereen elkaar nat met water en wordt er naar hartelust met verfpoeder gegooid. Zorg dat je oude kleren aan hebt, want als toerist ben je een geliefd slachtoffer en de verf houdt veel langer dan je lief is... Holi is het feest ter aankondiging van de lente;
- eind oktober/begin november: Diwali is het hindoe-feest van het licht en wordt gevierd door het branden van duizenden lichtjes, het afsteken van vuurwerk, het bakken van zoetigheid en het maken van zandpatronen voor de deur. Hiermee wordt de god Rama verwelkomd na zijn langdurige verbanning naar de jungle. Tegelijkertijd is het feest van de godin van de voorspoed, Lakshmi.

Algemeen:
Besef voortdurend dat je als gast in een land verblijft waar nu eenmaal andere omgangsvormen gelden dan je gewend bent. Vooral tijdens festivals is het belangrijk je aan te passen aan de lokaal geldende normen, ook al vind je die nog zo raar.

Kaarten en literatuur

De beste manier om je voor te bereiden is door te praten met mensen die het land kennen en door er een goede reisgids en kaart van aan te schaffen en te bestuderen. Reisgidsen en kaarten kun je telefonisch bestellen bij boekhandel Jacob van Wijngaarden, Overtoom 97, 1054 HD Amsterdam, tel: (020) 6121901, fax: (020) 6892666. Deze gespecialiseerde reisboekhandel kan je tips en informatie geven over aan te schaffen boeken en kaarten. Zij kennen onze reizen en weten wat je nodig hebt. Na telefonische bestelling sturen ze de boeken naar je toe. Er zit een acceptgiro bij. Voor verzending wordt circa € 3, afhankelijk van het gewicht, portokosten geheven.

Literatuur:
* M. Letsch - Rajasthan (reisgids, (Elmar reishandboek-reeks)
Uitgeverij: Elmar, 2004, ISBN: 9038914695
* Louise Nicholson - India (reisgids, National Geographic-reeks)
Uitgeverij: Kosmos / Z&K Uitgevers BV, 2002
* L. Peterse - India (reisgids, Dominicus-reeks)
Uitgeverij: Gottmer / H.J.W. Becht, 2001
* P. van Lynden - Rajasthan / druk 1
Uitgeverij: Walburg Pers, 2003
* William Sutcliffe - Ben je ervaren? (roman),
Uitgeverij: Prometheus, 1999
* S. Macdonald - Holy Cow, 2005
Uitgeverij: Mouria
* Vikram Chandra - Stromende regen en rode grond (roman)
Uitgeverij: Anthos, Amsterdam
* Karl R. Seufert - Ghandi. Een leven zonder geweld (roman)
Uitgeverij: Averbode, Apeldoorn, 1992
* Sjoerd de Vries - Hindoeïsme voor beginners (informatief)
Uitgeverij: Forum, Amsterdam, 1996
* Zia Jaffrey - De onzichtbaren van India (roman)
Uitgeverij: AW Bruna Uitgevers BV, 1996
* Nina Rauprich - De grote regen (jeugdroman)
Uitgeverij: Lemniscaat, Rotterdam, 1993
* Robyn Davidson - Onder nomaden in India (roman)
Uitgeverij: De Boekerij, 2003
* N. Naylor - De geuren van India (Roman)
Uitgeverij: Kosmos / Z&K Uitgevers BV, 2002
* M. Pathak - De smaken van India (kookboek)
Uitgeverij: Kosmos/Z&K Uitgevers BV, 2002
* Barbara Lloyd - The Colours of India (fotoboek), 1988
Uitgeverij: Thames and Hudson, Londen

Klimaat

Klimaat:
Noord-India, waartoe de deelstaten Rajasthan en Uttar Pradesh gerekend worden, heeft een warm en droog klimaat, met koude nachten in de wintermaanden en zeer hoge temperaturen in mei en juni (met dagtemperaturen die tot ruim boven de 40°C kunnen reiken). Afgezien van de moessontijd van juli tot september is er weinig neerslag. Zelfs in de moesson komt het voor dat er nauwelijks regen valt in Rajasthan.

Beste reistijd:
Zowel het voorjaar (februari en maart) als het najaar (half september t/m december) is een prima tijd om Rajasthan en Uttar Pradesh te bereizen. In januari kunnen de nachten in de woestijn flink koud zijn. Februari en maart zijn echte lentemaanden, vanaf april lopen de temperaturen op tot ondraaglijke waarden. In oktober en november zijn er veel festivals te beleven. De zomermaanden zijn heet en doorgaans klam. Het aardige van deze tijd is echter weer dat de mensen veelal 's avonds en 's nachts leven en overdag lange siësta's houden. Als je je houdt aan dit levensritme dan is het er best uit te houden.

Klimaattabel:
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde maximumtemperatuur in graden Celsius, de gemiddelde minimumtemperatuur in graden Celsius, de neerslag per maand afgerond in millimeters en het aantal zonuren per dag. .

 

NEW DELHI (hoogte: 211 m.)

Maand
Max T
Min T
Regen
Zon
Januari
21
8
30
5
Februari
24
10
30
7
Maart
30
15
20
7
April
36
21
10
8
Mei
41
27
20
8
Juni
40
29
80
6
Juli
35
27
190
5
Augustus
33
26
170
5
September
34
24
130
6
Oktober
33
19
30
7
November
29
12
10
7
December
24
8
20
5

 

JAIPUR (hoogte: 385 m.)

Maand
Max T
Min T
Regen
Zon
Januari
22
9
10
9
Februari
24
10
10
10
Maart
31
13
10
9
April
36
20
5
9
Mei
41
25
20
8
Juni
40
27
60
7
Juli
35
25
200
5
Augustus
32
24
200
5
September
33
23
80
7
Oktober
34
19
20
10
November
30
12
5
9
December
25
9
10
9

Landschap

India is kleur, bonte verscheidenheid, massale drukte, diepe ellende en oneindige schoonheid. Als geen ander land maakt dit deel van de wereld een onuitwisbare indruk op elke bezoeker. Sommigen worden hopeloos verliefd en keren steeds weer terug. Anderen zoeken overspannen naar de uitgang. Want India is veel, soms teveel. Alles is er te vinden. Het is een werelddeel. Er zijn woestijnen, jungles, de hoogste bergen ter wereld, stranden, wereldsteden. Een zesde deel van de wereldbevolking woont in dit enorme gebied. India is geen land, maar een subcontinent. Het strekt zich van noord naar zuid uit over een afstand van 3250 km. De afstand van oost naar west is 2950 km. Vergelijk de afstand Amsterdam naar Athene, die 2800 km bedraagt. De oppervlakte van India is 3,28 miljoen km². Het is 95 keer zo groot als Nederland. De kustlijn is 6100 km lang, en het land grenst aan Pakistan, Tibet, China, Nepal, Bhutan, Myanmar, Bangladesh en Sri Lanka. De grens over land bedraagt 15.250 km.
Geen land ter wereld heeft een zo lange continue geschiedenis en alle tijdperken zijn in India met elkaar verweven. De tijd waarin de heilige veda's mondeling werden doorgegeven, dringt nog door in het heden. Oude animistische gebruiken hebben het hindoeïsme de magische glans gegeven, die de hedendaagse bezoekers weet te betoveren. Op belangrijke kruispunten van cultuur staan monumenten naast elkaar die met eeuwen tussensprong zijn gebouwd. Het land is bezaaid met tempels, beelden, forten en tombes. Enkele zijn wereldberoemd zoals het Rode Fort in Delhi of het beroemdste liefdesmonument ter wereld, de Taj Mahal. Andere monumenten hebben ten onrechte niet die status. Zeker Rajasthan is bezaaid met schitterende bouwwerken.
India stroomt over van overvloed aan natuur, cultuur, mensen, geschiedenis, lijden, monumenten, feesten, leven en dood. Wie er voor het eerst naar toe wil, moet zich goed voorbereiden, want het is, zowel mentaal, fysiek als organisatorisch geen makkelijk land om te bereizen. Dat wordt eenieder duidelijk die bij zonsopgang in een roeiboot over de Ganges glijdt, terwijl langs de ghats van Varanasi duizenden zich baden en gebeden prevelen, lichtjes loslaten op de heilige rivier of hun geliefden cremeren, hun tanden poetsen of hun sari's wassen, terwijl naakte, natte kinderen spatten en krijsen van plezier, astrologen de sterren lezen, de palmisten handen lezen, sadhoe's met rastahaar en kleurige strepen op het voorhoofd op één been staan te mediteren, dolfijnen uit het water opspringen, zwaluwen ijle hoge tonen slaken, heilige koeien de doorgang versperren en apen fruit jatten van een stalletje. En ondertussen roeit de magere bootsman onvermoeid door op zijn heilige rivier...
Twee soorten bezienswaardigheden zijn bijzonder de moeite waard, maar worden onderbelicht in de reisgidsen, daarom wordt er hier even de nadruk op gelegd. Het mooiste dat India te bieden heeft, is het leven op het platteland, waar het grootste deel van de bevolking woont. Het indrukwekkendst zijn de grote festivals, waarbij de hindoes hun goden rondslepen in extatische processies, of aanbidden op massale bijeenkomsten.
De eeuwige tredmolen van dag en nacht, van zaaien en oogsten, van leven en dood, komt nergens beter tot uiting dan in de dorpen van India. Het ontwaken van mensen, dieren, van de natuur bij het eerste ochtendlicht, is als het ontwaken op de eerste dag. In de overtuiging van veel hindoes wordt de wereld elke ochtend opnieuw geschapen. Als je kijkt naar de eerste zonnestralen die verstrooid worden door de dauw op een spinnenweb, als je de vogels hoort die druk in de weer zijn met het bezingen van de nieuwe dag, de kinderstemmen in en om de eenvoudige hutten, het knetteren van mestvuurtjes voor het bereiden van de ochtendmaaltijd, dan is het echt alsof het de ochtend van de eerste dag is.
Behalve de dorpen zijn de religieuze festivals erg imposant. Als de goden massaal aanbeden moeten worden, dan is India op zijn best. Dan bouwen duizenden mensen staketsels van bamboe, lappen, papier en meters kerstverlichting. Binnen de kortste keren ontstaan de fraaiste ééndagstempels, of in elkaar geflanste processiekarren voor de goden. Ze boetseren godenbeelden, maken hun koeien op of beschilderen de gevels van hun huizen. Indiërs kunnen als de beste in een handomdraai van de wereld een sprookjestuin maken, voor hun goden, wel te verstaan. En als het zover is, en de goden gezien en aanbeden mogen worden, dan verschijnen allen, rijk of arm, in prachtige sari's en gestreken, vlekkeloze hemden om tempelkarren te trekken of godenbeelden van slingers en offerandes te voorzien. Dan is alles gezang, kleur en jasmijngeur. Dan is heel even de hemel op aarde.
Iemand die meer dan de helft van de landen van de wereld had bezocht, vertelde na zijn reis door India dat dit het meest exotische land ter wereld was. Exotisch, in de zin van anders dan waar we vandaan komen, is India voor ons zeker. De mensen denken anders, zien de zaken anders, eten anders, leven anders samen. India is een van de armste en dichtstbevolkte landen ter wereld. Maar het is ook een land waar levende, culturele tradities bestaan, die hun oorsprong vinden in een verleden, waarin we in Europa nog met hunebedden bezig waren. Nu, aan het begin van het derde millennium van onze eigen jaartelling, is die veel oudere Aziatische cultuur springlevend en als de waan van de dag aan het westen voorbij is gegaan, dan glimlacht India even en gaat verder in de tredmolen van dag en nacht, zaaien en oogsten, leven en dood.

Rajasthan is een exotische deelstaat, een sprookje uit duizend-en-een-nacht. Het landschap kenmerkt zich door eindeloze woestijnen met karavanen, kamelen, fortsteden en grote luxe paleizen, waar de rijke rajputvorsten in leefden. Veel van deze paleizen zijn hoogstandjes van architectuur en kunst. Het onderhoud is natuurlijk heel erg duur en om ze te onderhouden zijn veel ervan omgebouwd tot hotel of museum. Rajasthan is met zijn 342.274 km² groter dan Engeland, Schotland en Ierland tezamen en op Madhya Pradesh na de grootste deelstaat van India. Tweederde van de oppervlakte van deze staat bestaat uit de Tharwoestijn, die tot in Pakistan doorloopt en in het oosten wordt begrensd door het Aravalli-massief. Dit oudste gebergte van India doorsnijdt Rajasthan diagonaal van noordoost naar zuidwest. Aan de oostzijde van het Aravalli-gebergte is het land wat groener en vruchtbaarder. De Tharwoestijn ten westen ervan is dor en droog en uitgestrekt.

Religie

De overgrote meerderheid van de Indiërs (ongeveer 82%) is hindoe. Het percentage moslims bedraagt 11,3%. Verder zijn er christenen, sikhs, boeddhisten, jains, joden, parsi's, aanhangers van de Baha'i en animisten.

Het hindoeïsme:
Als je het hindoeïsme nader beschouwt, dan lijkt het wel of hindoes niets gemeenschappelijks hebben. Dat is tot op zekere hoogte ook zo. Er is geen centrale hiërarchie, geen algemene geloofsbelijdenis en geen stichter waar alle hindoes in geloven. Hindoes uiten hun religieuze gevoelens op allerlei manieren. Hierdoor vind je naast een begrip als 'ahimsa' (geweldloosheid) en ideeën over vegetarisme, rituelen waarbij dieren worden geslacht of waarbij aan zelfkastijding wordt gedaan. Geloof in reïncarnatie bestaat naast een geloof in een hemel van de voorvaderen. Starre rituelen komen voor naast zeer emotionele ceremonies. Om een goed beeld van het hindoeïsme te krijgen kun je het beste individuele hindoes vragen naar hun ideeën daarover. Het blijkt dan dat vrijwel elke Indiër uitgesproken ideeën heeft over zijn of haar religieuze beleving en daar vaak graag over wil uitweiden. Maar opnieuw zul je zien dat er veel persoonlijke visies naast elkaar kunnen bestaan.
Hindoes erkennen veelal dat het leven vier doelstellingen heeft. In de eerste plaats is dit het volbrengen van religieuze en sociale verplichtingen tegenover de familie en de samenleving. Deze verplichtingen worden samengevat in het begrip dharma. Ten tweede is het vergaren van genoeg materieel bezit belangrijk, waardoor het geven van aalmoezen aan bedelaars en rondtrekkende heiligen mogelijk wordt en de familie kan worden onderhouden. Dit staat bekend als 'artha'. Het derde doel is het beleven van seksualiteit of 'kaama', waaruit mannelijk nageslacht moet voortkomen. De zoon is nodig voor het uitvoeren van de voorouderrituelen. Het laatste en hoogste doel is de bevrijding uit de wedergeboorten, ofwel 'moksha' (een vergelijkbaar en in het westen veel bekender begrip is het boeddhistische 'nirvana'). Naast het nakomen van deze verplichtingen is de individuele hindoe vrij te denken wat hij wil. Hij mag zijn eigen spirituele leermeester of goeroe kiezen. Er is een groot respect voor goeroes en voor ouderen. Hiernaast wordt er veel eer betoond aan de talloze levende heiligen. Veel van deze levende heiligen trekken rond door India en worden 'sadhoe's' genoemd.
De meeste hindoes geloven ook in 'karma'. Deze levenswet betekent dat de ene daad de andere oproept, en alles wat je in je leven tegenkomt in feite een resultaat is van vroegere daden. Door het verrichten van goede daden kun je verdiensten kweken waarvan je later, in dit leven of in een volgend, de vruchten zult plukken. Hindoes besteden veel tijd aan het vereren van de goden die in de tempels huizen. Dit kunnen enorme tempels zijn, maar ook huistempeltjes in een hoekje van de kamer waar een familiegod wordt vereerd. In de tempel leeft de god als een koning. Veel hindoes geloven dat het mogelijk is om hun god zelf in de tempel te ontmoeten.

De godenwereld:
Een bezoek aan een hindoetempel is ook een inleiding tot een enorm godenpantheon. De meeste hindoes zullen je vertellen dat ze in één god geloven, ook al lijkt het dat er duizenden goden bestaan. Als je daarnaar vraagt dan krijg je vaak als antwoord dat de veelheid aan vormen gezien moet worden als de vlakjes van een diamant. Valt een lichtstraal op de verschillende vlakjes dan zal er iedere keer een ander facet van de diamant oplichten, maar het blijft dezelfde diamant. Hier zal nu aandacht worden besteed aan een paar belangrijke goden uit het hindoeïsme: Brahma, Shiva, Vishnoe, Ganesha. Tussendoor worden tevens enkele godinnen behandeld.
In het westen is men vaak bekend met de hindoe drie-eenheid Brahma-Vishnoe-Shiva. Brahma wordt echter nauwelijks vereerd, omdat hij te abstract is, geen vorm aanneemt en nauwelijks spannende mythen heeft gecreëerd. In heel India staat maar één tempel die aan Brahma is gewijd, in Pushkar (Rajasthan). Brahma is de schepper van het universum en wordt afgebeeld met vier hoofden. Sarasvati is eerst de dochter van Brahma, maar wordt in latere tijden ook beschreven als zijn vrouw. Zij wordt beschouwd als de godin van de kunsten en wordt meestal afgebeeld met een snaarinstrument in haar handen.

Shiva is een van de belangrijkste goden van het hindoeïsme. Hij wordt vaak afgebeeld als een asceet. Hij gaat gekleed in een tijgervel of een olifantshuid, beide zijn verwijzingen naar twee demonen die hij ooit heeft vernietigd. Zijn lichaam is grijsachtig of wit van kleur omdat hij zich insmeert met de as van de lijkverbrandingplaatsen. Zijn haar draagt hij in lange gevlochten lokken zoals veel asceten in India het dragen. Hij heeft drie ogen, het derde siert zijn voorhoofd. Uit dit derde oog kan hij vuur laten voortrazen en daarmee vernietigt hij het universum als de schepping ten einde loopt. Shiva verenigt in zijn gestalte en in de attributen die hij bij zich draagt veel tegenstellingen. Dit komt, zo leggen hindoes uit, doordat hij een god is die het hele universum omvat, van hoog tot laag, van rein tot onrein. Zo draagt hij in zijn ene oor een oorring die uitsluitend gedragen wordt door laagkastige dorpsvrouwen terwijl in zijn andere oor een oorring hangt in de vorm van een mythische krokodil zoals alleen brahmanen dragen. In een van zijn handen draagt hij een trommel ('damaroe'), die op een zandloper lijkt. Met deze trommel geeft hij het ritme van de schepping aan. Een van zijn andere handen draagt een oplaaiend vuur waarmee hij de wereld vernietigt. Op zijn hoofd draagt hij bloemen waaronder de zeer giftige datura, een bloem waaruit hallucinerende stoffen kunnen worden gedestilleerd. Om zijn hals draagt hij giftige slangen, symbolen van de dood. Op zijn hoofd draagt hij ook een maansikkel, een doodssymbool. Zijn rijdier is de stier Nandi. Nandi ligt bijna altijd voor de ingang van een Shiva tempel. Shiva is van oudsher de god der asceten. Veel van zijn volgelingen zijn sadhoe's (heilige mannen), die alleen of in groepen door geheel India rondtrekken, hun lichaam ingesmeerd hebben met as, vaak op bizarre wijze boete doen en te herkennen zijn aan de drie horizontale strepen die zij op hun voorhoofd hebben geschilderd. Hun attribuut is de drietand. De vrouwen van Shiva zijn bekend onder vele vormen en namen. Parvati is de meest bekende eega van Shiva, die het symbool is geworden van de volgzame onderworpen vrouw. Zij moest lijdzaam toezien hoe Shiva te pas en te onpas overspel pleegde met schone dames, maar altijd kwam hij weer bij haar terug. Parvati is de vreedzame vorm van het begrip 'shakti' (vrouwelijke energie). Zij kan zich echter ook manifesteren in andere woeste vormen: Durga, Chamunda of Kali. Durga wordt veelal aanbeden als zelfstandige godin, die op zich niets meer met Shiva te maken heeft. Zij is speciaal geschapen, met eigen wapens om de goden te redden van een vreselijke ramp. Als Kali ('de zwarte') verschijnt Parvati in haar meest verschrikkelijke vorm. Zij is zwart, haar tong hangt uit haar bloedige bek, omhangen met afgehakte menselijke hoofden en schedels, en dwaalt over afschuwelijke dodenakkers. Zij wordt geacht hulp te bieden waar geen enkele god meer macht heeft. Opvallend is ook dat juist de laagste kasten haar mogen aanbidden, wat haar aanhang zo groot maakt. Als enige krijgt zij bloedoffers; tijdens haar festival worden talloze zwarte, mannelijke dieren, variërend van katten tot buffels, aan haar geofferd.

Vishnoe is een god die in talloze gedaanten verschijnt. In karakter is hij doorgaans wat milder en vriendelijker dan Shiva, hoewel ook hij extatische aspecten kent. Vishnoe wordt meestal afgebeeld met een blauwe lichaamskleur en vier armen waarin hij een schelp, een knots, een lotus en een discus draagt. Hij draagt vaak een kroon en een geel kleed. Om zijn hals draagt hij een krans van woudbloemen en diverse sieraden waaronder een juweel dat wensen vervult. Vishnoe heeft twee rijdieren, de slang Shesha en de vogel Garuda. De slang dient hem als rustbed terwijl de vogel hem door het universum vervoert. Vishnoe bewaakt de wereld en hij grijpt in als er iets dreigt mis te gaan. Hij verschijnt dan op aarde in de vorm van een incarnatie. De hindoes kennen tien klassieke incarnaties: vis, schildpad, zwijn, de manleeuw Narasimha, dwerg, Rama met de bijl, Rama met de boog, Krishna, Boeddha en tenslotte Kalki. De laatste incarnatie van Vishnoe, Kalki, moet nog komen. Hij zal verschijnen als een ruiter op een wit paard met een zwaard dat 'vlamt als een komeet'. Daarmee zal hij alle demonen vernietigen die de wereld bedreigen. De populairste incarnaties van Vishnoe zijn Krishna en Rama met de boog, de held van de Ramayana. Krishna komt zelf weer in tal van verschillende verhalen en situaties voor en is vooral populair in zijn verschijning als jonge koeherder. Hij beleeft talloze avontuurtjes met de herderinnetjes van het dorp waar hij woont. Later is hij ook een groot religieus leraar geworden en hij verwoordt zijn boodschap aan de mensheid in de Bhagavad Gita, een belangrijke filosofische tekst, die centraal staat in de Mahabharata.

Een bijzonder populaire god is Ganesha. Hij valt enorm op tussen de honderden godengestalten van het Indiase pantheon omdat hij het hoofd heeft van een olifant. Van hem bestaan tientallen vormen. Hij wordt beschouwd als de geestelijke zoon van Shiva, die hem echter niet verwekt zou hebben. Hij is geboren uit de badolie van zijn moeder Parvati als een mooie jongen. Zijn olifantskop kreeg hij pas later. Toen Shiva na een lange afwezigheid weer thuiskwam, was Parvati juist een bad aan het nemen. Haar zoon Ganesha had zij voor de deur op wacht gezet. Deze had Shiva nog nooit gezien en weigerde hem de toegang. Shiva ontstak in vreselijke woede en sloeg de deurwachter het hoofd af. Pas toen hij vernam dat hij zijn eigen zoon had vermoord, moest hij snel het hoofd van het eerste het beste wezen vinden ter vervanging: dat was dus een olifant. Toen de kop van de olifant werd afgehouwen en op de grond viel, brak één van de slagtanden af. Deze werd aan de hemel geplaatst in de vorm van de maansikkel. Ganesha is een god die hindernissen wegneemt als hij wordt vereerd. Vereer je hem niet dan kan hij juist hindernissen scheppen. Ganesha doet alles voor de mensen die hem aanbidden en daarom wordt hij ook vaak door misdadigers, criminelen en zwarte magiërs vereerd. Ganesha wordt in bijna iedere hindoetempel vereerd. Hij rijdt op een rat.

De kasten:
In tegenstelling tot de westerse samenleving, waarin het principe van de gelijkwaardigheid van de individuen wordt onderstreept, is in India in principe de ene mens niet gelijkwaardig aan de andere.
De samenleving is opgedeeld in een hiërarchie van hoog naar laag en deze verdeling bepaalt veel van het dagelijks leven. De verschillende groepen worden meestal aangeduid met de term 'kaste'. De indeling in hoofdkasten omvat de vier 'varna's'. De eerste varna bestaat uit de brahmanen, de priesterstand. De tweede varna bestaat uit adel en krijgers, de 'ksatriya's'. In het huidige leger, de politiek en de politie is deze kaste oververtegenwoordigd. De derde stand bestaat uit ambachtslieden en handelaren, de 'vaisya's', terwijl de vierde varna uit de 'sudra's' bestaat. De vierde varna heeft als taak de dienstbaarheid aan de bovenste drie varna's. Het is vooral de enorme massa boeren die ertoe behoort. Los van deze vier groepen is er ook nog de groep avarna's, de zogenaamde kastelozen. Deze 'onaanraakbaren' worden als buitengewoon onrein beschouwd en als het uitschot van de samenleving. Zij moeten het allersmerigste werk doen, zoals het schoonmaken van toiletten en straten. Alle beroepen die verband houden met bloed (slagers, zelfs vroedvrouwen) en de dood (lijkenverbranders, leerbewerkers) kunnen alleen maar door kastelozen worden uitgeoefend. De onaanraakbaren zijn een uiterst belangrijk onderdeel van de Indiase maatschappij. In de geschiedenis hebben vernieuwende filosofen keer op keer het kastensysteem veroordeeld en uiteraard juist onder deze groep aanhang gevonden. In onze tijd heeft Mahatma Gandhi het aangedurfd om te strijden voor het opheffen van het kastensysteem en hij noemde de onaanraakbaren 'harijanen', de 'kinderen van God'. Officieel zijn nu bij de grondwet de kasten opgeheven en is discriminatie op grond van kaste verboden. In de praktijk blijkt echter maar al te vaak dat een systeem dat 3000 jaar de maatschappij heeft bepaald niet in een of twee generaties is te veranderen.
Kastenregels zijn het meest specifiek op drie punten. In de eerste plaats betreft dit de keuze van de huwelijkspartner: kasten zijn endogaam, dat wil zeggen dat kastenleden onder elkaar trouwen. In de tweede plaats: beroepen zijn kastengebonden. In de derde plaats is het in theorie niet toegestaan met niet-kastengenoten te eten. De onderverdeling in kasten heeft veel te maken met het geloof in de mate van reinheid van een kaste. Veel Indiërs geloven dat onreinheid kan worden overgedragen door het eten van gemeenschappelijke maaltijden. Het is wel toegestaan voedsel te eten dat bereid is door iemand uit een hogere kaste. Het eten van voedsel dat door een lager iemand is bereid, is verontreinigend. Vandaar dat brahmanen zeer gewild zijn als koks in restaurants omdat voedsel dat door hen is bereid voor iedereen acceptabel is. Er is ook eten dat niet verontreinigend is, onafhankelijk van wie het heeft bereid. Dit geldt bijvoorbeeld voor noten, betelbladeren en fruit. Deze mogen van iedereen worden aangenomen. Indiërs herkennen elkaars kaste vaak aan uiterlijke kenmerken of aan het taalgebruik.

Taal

Volgens de grondwet zijn er 15 officiële talen in India. Het Hindi is de belangrijkste taal van de Ariërs. Een andere taal die in heel India gesproken wordt is het Urdu, de taal van de moslimminderheid. Sanskriet is de taal waarin de oude heilige boeken werden geschreven. Het is vermoedelijk nooit een spreektaal geweest. Daarnaast zijn er nog streekgebonden talen, waarvan het Bengaals en het Tamil de belangrijkste zijn. In het parlement wordt Engels gesproken, dat wil zeggen dat ieder Indiër die hogerop wil, Engels moet leren spreken. In werkelijkheid zijn er meer dan duizend talen. Gelukkig kun je met Engels vrijwel overal terecht. Het is wel even wennen aan het mooie Indiase accent.

Praktische informatie

Aankomst

Doe de eerste dag in India rustig aan. Neem de tijd om te acclimatiseren. De overgang van klimaat, cultuur en voedsel kan behoorlijk ingrijpend zijn. De grote steden zijn meestal heet en altijd hectisch. Laat het rustig op je inwerken en ... welkom in India!

Bagage en kleding

Behoorlijke kleding wordt op prijs gesteld: een lange broek en een overhemd voor mannen, een jurk tot over de knie en de schouders bedekt voor vrouwen. Kleding is spotgoedkoop in India, dus je kunt beter te weinig dan teveel meenemen. Zomerkleding voor overdag, plus warme kleding voor de avonden is voldoende in de maanden oktober, november, maart, april en mei. De wintermaanden in Rajasthan kunnen koude avonden, nachten en ochtenden met zich meebrengen, soms zelfs met nachtvorst. Als het mistig is, kan een doordringende kou een groot deel van de dag regeren. Een warm jack en een trui zijn in de winter zeker geen overbodige luxe. Neem een paar goede, ingelopen schoenen mee en slippers, eventueel sandalen. Een dunne coltrui met lange mouwen is rond zonsondergang een goed wapen tegen muggenbeten. Denk bij het samenstellen van je bagage aan: hoofddeksel, zonnebril, zonnebrandmiddelen, lakenzak, toiletartikelen, een reisapotheek, je eigen medicijnen, foto- of filmapparatuur en voldoende film, reservebatterijen, zaklantaarn, zakmes (niet in je handbagage in het vliegtuig), aansteker, wekker, schrijfwaren, boeken, paspoort met geldig visum, voldoende cheques en geld, kopieën van je paspoort en visum, een lijstje met de nummers van je cheques en de aankoopbon, vliegticket(s), een pasje van je reisverzekering met daarop het alarmnummer, je agenda met belangrijke adressen, de boekingspapieren van deze reis. Eventueel kun je nog meenemen: verrekijker, paraplu (handig zowel tegen de regen als tegen te felle zon), landkaart, spelletjes, een kleine voorraad houdbare snacks en snoep. Een muggennet is niet per se nodig. In India zijn goede muggenwerende middelen te koop. Dit alles verpak je het liefst in een weekendtas of rugzak, niet in een harde koffer, omdat die lastig te vervoeren is. Daarnaast is een kleine rugzak of schoudertas handig voor de dagelijkse handbagage. Voor het opbergen van waardepapieren kun je het beste een dunne geldgordel kopen, die je onder je kleding kunt dragen. Neem niet teveel bagage mee. Meer dan 12 kilo lijkt ons in de regel niet nodig.

Handbagage:
Vanaf 6 november 2006 gelden voor alle vliegtuigpassagiers binnen de Europese Unie (EU) nieuwe regels voor wat mee mag in de handbagage. Vloeistoffen, gels en spuitbussen in de handbagage mogen alleen in kleine hoeveelheden (max. 100 ml per stuk) én op de juiste manier verpakt worden meegenomen. Dit geldt voor alle passagiers die vertrekken van, of overstappen op, een vliegveld binnen de Europese Unie.

De nieuwe regels gelden voor vloeistoffen zoals water en andere drankjes voor consumptie. Ook geldt het voor gels, pasta's, lotions en de inhoud van spuitbussen. Toiletartikelen zoals tandpasta, scheerschuim, haargel, lipgloss en crèmes vallen hier dus ook onder.

Dit zijn de regels voor vloeistoffen in je handbagage:
1. je kunt alleen nog vloeistoffen en gels meenemen in verpakkingen van niet meer dan 100 milliliter.
2. deze verpakkingen mogen alleen worden meegenomen in een doorzichtige plastic zak.
3. per persoon mag één doorzichtige plastic zak worden meegenomen.
4. de doorzichtige plastic zak mag niet groter zijn dan 1 liter.
5. de doorzichtige plastic zak moet hersluitbaar zijn.
Je kunt een geschikte doorzichtige plastic zak van thuis meenemen. Tijdens de introductieperiode ontvang je de doorzichtige plastic zak gratis op alle Nederlandse luchthavens.

Er zijn twee uitzonderingen:
1. babyvoeding, die je tijdens de vlucht nodig hebt
2. medicijnen, die je tijdens de vlucht nodig hebt 

Aankopen op de luchthavens en aan boord
Na de ticket- en/of paspoortcontrole kun je op de Europese luchthavens en in het vliegtuig van een Europese luchtvaartmaatschappij nog steeds je (taxfree) aankopen doen. Vloeistoffen en gels die je ná de ticket- en/of paspoortcontrole of in het vliegtuig hebt gekocht, worden door de winkel of aan boord (wanneer nodig) voor je verpakt en verzegeld. Het zegel is één dag geldig. Als je op een volgend vliegveld moet overstappen mag je het zegel niet verbreken tot je op je eindbestemming bent aangekomen. 

Apart aanbieden van je handbagage
Bij de handbagagecontrole moet je alle vloeistoffen apart aanbieden. Voor de doorzichtige plastic zak geldt dat de verpakkingen er gemakkelijk in moeten passen en de zak gesloten is. Ook jassen, colberts en grote elektrische apparaten, zoals laptops, moet je apart aanbieden bij de handbagagecontrole.

Bever Zwerfsport:
De winkels van Bever Zwerfsport hebben een ruim assortiment aan allerlei reisartikelen. Naast kleding en reisbenodigdheden vind je er ook reisboeken. Leuk om hier met behulp van bekwaam adviserend personeel al vast je vakantie een beetje voor te bereiden. In de meeste grotere plaatsen in Nederland is wel een filiaal te vinden.

Electriciteit

India heeft 220 volt, 50 Hertz stroom. Er zijn echter regelmatig stroomstoringen, dus houd een zaklantaarn bij de hand voor het geval de elektriciteit weer eens uitvalt. Een wereldstekker is niet nodig. Belgische en Nederlandse stekkers passen op Indiase stopcontacten. Adapters zijn ook niet nodig.

Fooien

In hotels verwacht het personeel een fooi voor het brengen van de bagage en voor het verlenen van kleine diensten. De lonen in de Indiase horeca zijn, met uitzondering van de duurste hotels, abominabel en fooi is een noodzakelijke aanvulling op het inkomen. Als je een paar dagen op één plek blijft, dan is het handig om meteen bij de eerste dienstverlening fooi te geven. Dit kan heel stimulerend werken op de verdere service. Een fooi van 5 of 10 roepie is vaak voldoende. In duurdere restaurants geldt vaak een servicetoeslag. In goedkope uitspanningen is fooi een onbekend verschijnsel. Taxi's en autoriksja's verwachten geen fooi. Fietsriksja's ook niet, maar de arme rijders kunnen erg blij gemaakt worden met een paar roepies extra. De buschauffeur en bijrijder tijdens deze reis verwachten ook een fooi voor de tijd dat ze met de groep optrekken. Een richtlijn voor de buschauffeur en bijrijder samen is € 0,50 per dag per reiziger. Mits ze naar tevredenheid hun werk hebben gedaan natuurlijk. Voor de lokale reisbegeleider is € 1 per dag per reiziger een mooi bedrag.

Fotografie

Filmrolletjes van goede kwaliteit zijn niet overal te krijgen, dus is het het beste om voldoende film van huis mee te nemen. Laat film of camera nooit achter in een afgesloten auto. Door de snel stijgende temperatuur kan de kwaliteit van het fotografische materiaal achteruithollen. Afdrukken kun je beter thuis laten doen. Niet alle soorten batterijen voor camera's zijn verkrijgbaar. Zorg dus voor voldoende batterijen voor de hele reis.

Geldzaken

De Indiase munteenheid is de roepie (INR). In oktober 2011 was de waarde van € 1 gelijk aan 66 roepie. Omgekeerd was 10 roepie gelijk aan € 0,15. Voor de actuele koers kun je het best kijken op www.oanda.com. De roepie is onderverdeeld in 100 paisa. Er zijn munten van 5, 10, 20, 25 en 50 paisa en van 1, 2 en 5 roepie. Heel soms kom je munten tegen van 10 en 50 roepie. Bankbiljetten zijn er in 1, 2, 5, 10, 20, 50, 100, 500 en 1000 roepie.
Geld wisselen doe je bij een bank, een officieel geldwisselkantoor (moneychanger) of het hotel waar je verblijft. De laatste twee hebben de voorkeur, aangezien wisselen bij een bank vaak een uiterst tijdrovende bezigheid is. De koersen verschillen onderling nauwelijks. De meest gangbare valuta zijn de euro, de Amerikaanse dollar en het Engelse pond. Je kunt zowel contanten als gangbare travellercheques van Thomas Cook of American Express inwisselen. Cheques geven een iets betere koers dan contanten. Er is een beperkte zwarte markt met kleine marges, kleine risico's en een uiterst vlotte afhandeling, maar het is illegaal. In de meeste grote en middelgrote steden in India kan tegenwoordig ook gepind worden. Neem voor de zekerheid altijd wat contante euro's mee. In geval van bankstakingen of andere ontwrichtingen van het dagelijks leven kan cash een uitkomst bieden. De belangrijkste creditcards worden in alle duurdere hotels, restaurants en winkels geaccepteerd. Geld opnemen met een creditcard is echter niet eenvoudig en is slechts mogelijk in een beperkt aantal bankfilialen. De meeste banken zijn geopend van ma t/m vr 10.00-14.00 uur en za 10.00-12.00 uur. De banken en wisselkantoren op de internationale vliegvelden zijn dag en nacht geopend.

Zakgeld: 
Het door ons geadviseerde zakgeld is een minimum bedrag voor je maaltijden, drankjes, optionele excursies, entreegelden, eventueel ter plaatse te betalen luchthavenbelastingen en fooien. Het bedrag dat je uiteindelijk uitgeeft hangt natuurlijk sterk af van je eigen uitgavenpatroon, souvenirs zijn mede daarom niet inbegrepen.

Informatie voor thuisblijvers

Zorg ervoor dat achterblijvers weten in welk land je bent en hoe lang je wegblijft en-spreek eventueel af wanneer je contact opneemt. Telefoneren vanuit Indiase steden is meestal geen probleem. Geef je vluchttijden en vluchtnummers door aan degenen die je ophalen van het vliegveld. Shoestring verstrekt aan derden geen vlucht- of reisinformatie, hotelnamen en telefoonnummers. Eventuele vertragingen kunnen via het informatienummer op Schiphol (0900-0141) of via Teletekst worden opgevraagd, niet via Shoestring.

Contactpersonen:
Indien zich noodgevallen tijdens de reis voordoen is het belangrijk dat wij een contactpersoon in Nederland of in België kunnen bereiken. Op het boekingsformulier heb je iemand opgegeven. Het kan gebeuren dat die persoon juist op vakantie is tijdens je reis. Geef in dit geval een tweede persoon op zodat we zeker iemand kunnen bereiken.

Tijdsverschil

In India is het vierenhalf uur later dan in Nederland en België. Tijdens de periode dat bij ons de zomertijd geldt, is het verschil drieënhalf uur.

Veiligheid

India is in veel opzichten een veilig land. Berovingen of andere vormen van fysiek geweld tegen toeristen komen slechts sporadisch voor. Ook diefstal van toeristen komt veel minder voor dan in Nederland of België, dit ondanks de grote verschillen in inkomsten tussen westerlingen enerzijds en veel Indiërs anderzijds. Niettemin is elke 'witneus' in de ogen van de lokale bevolking miljonair en degenen die met je in contact komen zullen tal van pogingen wagen om een graantje mee te pikken van die onmetelijke rijkdom. Dat gaat in vrijwel alle gevallen om vormen van bedelen of afzetten. Overigens betekent deze betrekkelijke veiligheid niet dat je slordig met geld, waardepapieren en bagage kunt omgaan. Geld en waardepapieren kun je het best in een moneybelt op het lijf onder je kleding dragen. Laat ook geen waardevolle zaken achter op je hotelkamer. Je moet de kat niet op het spek binden. In elk hotel kun je deze zaken afgeven bij de balie, in ruil voor een reçu.

Winkelen en openingstijden

De hieronder genoemde openingstijden zijn niet de precieze tijden, want die kunnen variëren. Het zijn de uren waarop vrijwel alle plaatsen van die categorie in ieder geval geopend zijn.
- Banken: maandag t/m vrijdag 10.00 - 14.00 uur en zaterdag van 10.00 -12.00 uur; 
- Postkantoren: maandag t/m vrijdag 10.00 - 14.00 uur; 
- Musea: dagelijks van 10.00 - 17.00 uur, met als wekelijkse sluitingsdag meestal maandag of dinsdag; 
- Winkels: de meeste winkels zijn alle dagen open van ongeveer 10.00 - 20.00 uur, vaak met een aanzienlijke middagpauze.