Veelgestelde vragen over Nepal
Wat is de ideale periode om te reizen?
Wat de beste tijd is om Nepal te bezoeken, hangt af van wat je gaat doen. De beste maanden voor bergwandelingen zijn april, mei, oktober en november. In die maanden is het overdag lekker en dalen de nachttemperaturen nog niet zo snel. De lucht na de regentijd, in oktober en november is helder zodat de besneeuwde toppen vaker en scherper te zien zijn dan anders. De moessonmaanden zijn ongeschikt voor de bergwandelingen, omdat de paden modderig en glad zijn en de bergen nauwelijks zichtbaar. Van oktober tot midden maart is een droge en zonnige periode. Het kan dan 's nachts flink koud zijn, maar zodra de zon schijnt loopt het kwik snel op.Heb ik een visum nodig?
Nepal vereist een single entry visum. Het Nepalese visum heeft een beperkte geografische geldigheid en geldt eigenlijk alleen in de Kathmanduvallei, Pokharavallei en langs de doorgaande wegen. Voor trekkings door de Nationale Parken moet ter plaatse een aanvullende entree betaald worden. Controleer altijd of je paspoort nog lang genoeg geldig is voordat je vertrekt. Een paspoort dient nog zes maanden geldig te zijn na terugkomst in Nederland.
Wat voor kleding/bagage kan ik het beste meenemen tijdens de rondreizen zonder meerdaagse trektochte
Neem voor het bezoek aan Nepal een paar goede, ingelopen wandelschoenen en een paar slippers mee. Dat is alles wat je voeten vereisen. Zomerkleding, plus een sweater voor koele avonden, is voldoende in de maanden oktober, november, maart, april, mei. De wintermaanden kunnen met name in de Kathmanduvallei koude avonden, nachten en ochtenden met zich meebrengen, waarbij nachtvorst geen uitzondering is. Als het mistig is, kan een doordringende kou een groot deel van de dag regeren. De meeste gelegenheden zijn onverwarmd. Een warm jack is geen overbodige luxe, evenals een trui en warm ondergoed. Overigens is winterkleding ruim voorradig tegen zeer redelijke prijzen en zijn een hoop spullen, zoals regenkleding, te huur. Verder zijn belangrijk: zonnebril, zonnebrandmiddelen, toiletartikelen, een reisapotheek, een uitschuifbare paraplu, foto- of filmapparatuur en voldoende film, reservebatterijen, zaklantaarn, zakmes (niet in je handbagage stoppen tijdens de vlucht!!), aansteker, een kleine voorraad houdbare snacks en snoep, wekker, schrijfwaren, boeken, paspoort met geldig visum, voldoende cheques en geld, kopieën van je paspoort en visum, een lijstje met de nummers van je cheques en de aankoopbon, je vliegticket(s), een pasje van je reisverzekering met daarop het alarmnummer, je agenda met belangrijke adressen, de boekingspapieren van deze reis. Eventueel kun je nog meenemen: verrekijker, landkaart, spelletjes.
Kan ik pinnen in Nepal ?
Ja, in alle grote grote steden kun je pinnen. Je pinpas dient wel een cirrus logo te hebben.
Wat voor kleding/bagage kan ik het beste meenemen tijdens de meerdaagse trektochten (reiscodes SNC,
De avond vóór de trektocht vul je met twee personen één rugzak (maximaal 7 kilo p.p. inclusief slaapzak), die door een drager gedragen wordt. De overige bagage wordt gestald in het hotel waar je in Kathmandu/Pokhara logeert en die zie je pas na de trektocht terug. Je hebt voor de trektocht tevens een klein dagrugzakje (wat je zelf comfortabel draagt) nodig voor je camera, veldfles, warme trui, EHBO-setje en datgene wat je tijdens het wandelen denkt nodig te hebben. In de lijst hieronder wordt aangegeven wat je voor de trektocht nodig hebt, en of de uitrustingsstukken eventueel te koop of te huur zijn in Kathmandu/Pokhara. Dit is aangegeven door een K en/of H achter het uitrustingsstuk. Goede, ingelopen, waterafstotende of waterdichte bergschoenen; Goede wandelsokken; Ondergoed; Lang ondergoed/thermisch ondergoed; Lange broek K; Korte broek K; Bloesjes of T-shirts K; Warme trui (fleece) K; Windjack; Poncho/ regenkleding K/H; Pet of hoed tegen de zon K; Muts/ sjaal/ handschoenen tegen de kou K; Zonnebril; Wandelstok K (In de bergen zijn hier en daar voor heel weinig geld bamboe wandelstokken te verkrijgen. Soms kun je ?'echte' wandelstokken in Kathmandu/Pokhara op de kop tikken maar die zijn erg duur); Slaapzak (met een -5 warmtefactor) K/H; Kleine rugzak voor dagelijkse zaken K; Veldfles K; Waterzuiveringspompje of -druppels (chloor/ jodium); Zaklantaarn met reservebatterijen en lampje K; Kleine verbanddoos; Toiletspullen K; Handdoek K; Afbreekbare zeep/ shampoo; Oordoppen; Toiletpapier K; Kleine noodvoorraad voedsel K; Hangslotje K; Pen en papier, paspoort, een goed boek, eventueel een verrekijker, hoogtemeter, fotoapparatuur, spelletjes, voldoende Nepalese rupees in biljetten van 100 en kleiner.Waar slaap je tijdens de trektochten in de bergen?
Je slaapt in eenvoudige lodges of kleine guesthouses. Meestal lig je in kleine tweepersoonskamertjes met eenvoudige bedden met matrassen, af en toe zal het een meerpersoons slaapzaaltje zijn (in Ghopte tijdens de trek door Helambu is bijvoorbeeld geen andere accommodatie aanwezig). In ieder geval dien je zelf voor een slaapzak te zorgen. Bijna alle guesthouses/lodges hebben een restaurantje waar je kunt eten. De menukaart is uitgebreid, het aantal werkelijk aanwezige gerechten is vaak beperkt (maar smakelijk!) De ruimte waarin je eet is over het algemeen verwarmd; je slaapruimte is onverwarmd. In bijna alle lodges kun je je wassen, soms in een eenvoudige douche, soms met een emmer koud of warm water. Sommige accommodaties hebben zonne-energie, zodat er enig warm water aanwezig is.
Moet ik een slaapzak/slaapmatje meenemen?
Tijdens de trektochten door de bergen is een goede slaapzak zeker nodig! Je kunt deze vanuit Nederland meebrengen, maar je kunt hem ook kopen in Kathmandu of Pokhara. Ook zijn ze hier te huur (let er in dat geval wel op of je inderdaad een goede slaapzak meekrijgt). Een slaapmatje is niet nodig. Op de reizen zonder meerdaagse trektocht zijn een slaapzak of slaapmatje niet nodig.
Kan ik de dagwandeling tijdens de rondreis door Nepal (reiscode SNB en SQQ) ook overslaan?
Ja, dat kan. Je kunt (op eigen kosten) een taxi nemen van Nagarkot naar Bhaktapur. De reisbegeleider kan dit vervoer uiteraard voor je regelen.
Wat voor inentingen heb ik nodig?
Nepal kent geen verplichte vaccinaties, behalve wanneer men maximaal veertien dagen voor aankomst in een gebied is geweest waar gele koorts of cholera heerst. Om jezelf te beschermen, moet je ALTIJD minimaal vier weken voorafgaand aan de reis je arts of de lokale GGD raadplegen over te nemen voorzorgsmaatregelen. Er worden meestal vaccinaties tegen DTP gegeven, alsmede een prik tegen geelzucht (hepatitis-A) en tyfus en pillen tegen malaria. Deze laatste dien je tijdens en tot een maand na afloop van de reis te slikken. In Nepal komt malaria alleen voor in de laaggelegen Terai, dus bij het Chitwan Nationaal Park.Kan ik hoogteziekte krijgen in Nepal?
Ongeveer de helft van mensen die verblijven op hoogtes boven de 3500 meter krijgt in meer of mindere mate last van hoogteziekte. Op onze meeste reizen naar Nepal blijf je ruim onder de 3500 meter hoogte. Je hoeft je dan ook geen zorgen hierover te maken.
Tijdens de Langtang & Helambu- reis verblijf je op maximaal 4200 meter hoogte. Dit is geen hoogte waarbij grote problemen verwacht kunnen worden maar wees wel alert. Waarschijnlijk zullen de meeste reizigers het verschil vooral voelen bij lichamelijke inspanning. Op een hoogte van 4000 meter kan het beklimmen van twee trappen al een hele opgaaf zijn. Het rustig aan doen helpt vaak het beste.
Het hoogste punt tijdens de Annapurna Circuit-reis is de Thorung La, een pas van 5416 meter hoog. De hoogste overnachtingsplaats is Thorung Phedi op 4450 meter hoogte.
Hoogteziekte is een reactie van het lichaam op het steeds lagere zuurstofgehalte in de lucht. Het belangrijkste probleem is het ontstaan van vochtophoping in de longen en/of de hersenen. Hoogteziekte is potentieel levensbedreigend. Je dient alert te zijn op de symptomen bij jezelf en degenen met wie je reist. Voordat de symptomen worden beschreven, eerst nog dit: het krijgen van hoogteziekte is niet afhankelijk van lichamelijke fitheid of routine in het lopen op grote hoogten. Ook geroutineerde bergwandelaars en zelfs dragers in Nepal kunnen er na vele keren voor het eerst last van krijgen. Mensen onder de dertig jaar, mensen die eerder hoogteziekte hebben gehad en mensen met long- en hartproblemen lopen een groter risico. Ook mensen die zich nodeloos het tempo van de groep laten voorschrijven, lopen meer risico. Er is een heel scala aan symptomen bij hoogteziekte. De Franse alpinistenvereniging werkt met een puntensysteem om de ernst van de situatie te kunnen inschatten. Symptomen met 1 punt zijn: misselijkheid, hoofdpijn, slapeloosheid, duizeligheid. Twee punten: overgeven, hoofdpijn die niet op aspirine reageert. Drie punten: enorme vermoeidheid, kortademigheid of benauwdheid zonder inspanning, heel weinig plassen. Scoort iemand niet meer dan 3 punten, dan kun je langzaam verder omhoog, maar beter is pas door te gaan tot de symptomen weg zijn. Tussen 4 en 6 punten moet je uitkijken en wachten tot de symptomen verdwenen zijn, of als het kan een paar honderd meter dalen. Meer dan 6 punten betekent: levensbedreigend, onmiddellijk afdalen, de zieke mag niet op deze hoogte blijven en zeker niet op deze hoogte slapen.