Cultuur snuiven in het koloniale Cuenca

In Cuenca vind je prachtige koloniale kerken, vier kabbelende rivieren en je ziet er veel Spaanse invloeden. Cuenca wordt gezien als de leukste stad van Ecuador en heeft dan ook genoeg te bieden. Je vindt hier de lekkerste restaurantjes, veel interessante musea en je kunt vanuit hier makkelijk een dagtrip maken naar Caja National Park om te hiken. Ik twijfelde zelf of ik wel of niet vanuit Peru naar deze stad zou gaan. Ik kon er namelijk ook voor kiezen om direct naar de kust te gaan. Maar ik ben heel blij dat ik Cuenca niet over heb geslagen. Het koloniale centrum van Cuenca staat niet voor niets op de monumentenlijst van UNESCO. In deze blog vertel ik je wat hier zoal te beleven valt.

Het koloniale centrum

Als ik in een nieuwe stad ben, vind ik het altijd heel leuk om een walking tour te doen. Vaak zijn deze nog gratis ook! Het is een heel leuke manier om in een korte tijd veel te weten te komen over een stad en je komt vaak ook op plekken waar je zelf nooit gekomen zou zijn. Daarna kun je op je eigen houtje teruggaan naar de plekken die je interessant lijken. Eigenlijk starten alle walking tours op het centrale plein van Cuenca. Dit centrale plein is al onwijs mooi! Je vindt hier een heel grote kathedraal, die van de voorkant wel iets weg heeft van de Notre Dame in Parijs. Deze kathedraal kun je gratis bezoeken en de binnenkant is minstens zo mooi! Je kunt tegen betaling ook naar het terras van de kathedraal vanaf waar je prachtig uitzicht hebt over de stad. Andere interessante plekken waar je langskomt tijdens de tour zijn een oud klooster, waar nog steeds nonnen wonen en een heel grote markt waar je allerlei lokale producten kunt kopen. In het klooster verkopen nonnen brood en wijn vanachter een houten draaideur. Als je dan door de draaideur vertelt wat je wilt hebben en geld neerlegt, dan draait de deur om en krijg je je bestelling. Heel grappig om te zien!

Eten bij de lekkerste restaurantjes

Het fijne aan grote steden vind ik altijd dat je er vaak ook de betere restaurants vindt. Ik kwam per toeval langs het vegetarische restaurant El Funky Sauce wat naast de rivier Tomebamba ligt. Nu ben ik zelf geen vegetariër. Maar stiekem ben ik wel fan van de veganistische hipster restaurantjes, mede omdat ze er altijd heel gezonde maaltijden hebben. In de meeste Zuid-Amerikaanse landen zijn ze groot fan van vlees met rijst, aardappelen en pasta. Het is vaak lastig om een maaltijd met veel groenten te vinden. Dus ik kon het niet laten om hier te gaan lunchen. Ik bestelde pasta pesto met een heel lekkere salade erbij. En het was net zo lekker als dat het er op de foto uitziet. In dit restaurant kwam ik met een Duitse jongen aan de praat die mij een tip gaf om voor avondeten naar het restaurant A Pedir de Boca te gaan. Hier ben ik toen ‘s avonds meteen heen gegaan en ook hier was ik groot fan van! Dit restaurant was van een local die 20 jaar in Nederland gewoond had en dus best goed Nederlands kon. Hier bestelde ik Thaise noodles met stukjes beef. Een dikke aanrader! Foodies kunnen hun hart dus ophalen aan lekker eten in deze stad.

Panama hoeden

Je hebt vast weleens gehoord van Panama hoeden? Anders dan de naam doet vermoeden worden deze gevlochten hoeden niet in Panama maar in Ecuador gemaakt. Dit werd mij verteld door de gids van de walking tour. Maar waarom dan de naam Panama hoeden? De hoeden werden oorspronkelijk vanuit Ecuador naar Panama vervoerd vanuit waar ze verscheept werden naar Europa. Door deze verkooproute en doordat de hoeden heel handig bleken om het hoofd uit de zon te houden tijdens het graven van het Panama Kanaal, kregen de hoeden de naam Panama hoeden. In Cuenca heb je een heel museum over deze hoeden en hier krijg je uitgelegd hoe ze gevlochten worden. Je vindt ze dan ook in alle soorten en maten. Leuk om hier even een bezoekje te brengen!